Persconferentie 28 september 2020 – Doe Zelf Normaal dagvaardt overheid op grond van het Handvest van de grondrechten van de EU

Op 28 september hebben we mogen kijken en luisteren naar de persconferentie van Rutte en de Jonge, waarin zij extra maatregelen hebben aangekondigd.

Deze maatregelen zijn duidelijk een eerste stap naar een volledige lockdown van de samenleving, zoals we die eerder in maart van dit jaar zagen.

In eerdere commentaren hebben we besproken dat de maatregelen de grond- en mensenrechten ernstig schenden. Lees hier voor o.a. nog eens:

Daarom hebben wij aangifte gedaan tegen Rutte en de Jonge. Recent hebben we aangifte gedaan tegen Minister Grapperhaus vanwege het herhaaldelijk gewelddadig neerslaan van demonstratie door de politie.

Onderstaand ons commentaar op één uitspraak van Rutte:

Wat we aanscherpen is het oude advies om zoveel mogelijk thuis te werken. Dat wordt: werk thuis, tenzij het echt niet anders kan. Deze maatregel heeft in het voorjaar heel veel effect gehad en we moeten dat nog een keer op dezelfde manier doen. Het is op veel plaatsen gewoon weer te druk geworden op het werk. En dat zien we ook terug in de aantallen clusters van besmettingen.

Tegen werkgevers en hun mensen zeggen we daarom: neem je verantwoordelijkheid en regel dat samen. Dus ook even geen teambuildingsessies en bedrijfsuitjes. En als er in een werksituatie toch een bronbesmetting plaatsvindt, kan zo’n kantoor of werkplek voor 14 dagen worden gesloten.

Dit gaat rechtstreeks in tegen het recht op vergadering en het recht op vrij ondernemerschap, zoals neergelegd in het handvest van de grondrechten van de EU (Bron: https://fra.europa.eu/nl/eu-charter/article/16-de-vrijheid-van-ondernemerschap):

Artikel 16 – De vrijheid van ondernemerschap

De vrijheid van ondernemerschap wordt erkend overeenkomstig het recht van de Europese Unie en de nationale wetgevingen en praktijken.

Wat is dat, het handvest van de grondrechten van de EU?

Een voor Nederlanders onbekend document betreft het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie. En dat is jammer, want het is een heel bijzonder document. In dit Handvest staan minimale grondrechten opgenomen waar iedere EU-inwoner een beroep op kan doen. Onze rechters dienen onze wetten ook daadwerkelijk te  toetsen aan de grondrechten uit dit Handvest. In dit Handvest staan allerlei soorten grondrechten, zoals:

  • Menselijke waardigheid (artikel 1);
  • Privacy en persoonsgegevens (artikelen 7 en 8);
  • Vrijheid van meningsuiting/informatievrijheid (artikel 11);
  • Eigendom en Intellectuele eigendom (artikel 17 lid 2).

Naast deze gebruikelijke grondrechten, staan er echter ook bijzondere grondrechten in. De meest in het oog springende vinden we in artikel 16, vrijheid van ondernemerschap. Dit is een bijzonder grondrecht, te weten vrijheid om te mogen ondernemen. De Europese Unie ziet immers onder meer toe op de harmonisatie van regelgeving die een vrij verkeer van goederen en diensten mogelijk maakt. Met een beroep op het recht van ondernemerschap kunnen discussies in het juiste perspectief worden gezet, te weten of de beperkende maatregelen (bijvoorbeeld een beperking op informatieverstrekking) niet in strijd zijn met het recht om te kunnen ondernemen.

De vrijheid van ondernemerschap geeft onze nationale rechters een geheel nieuw kader om te beoordelen of het inderdaad redelijk is dat ondernemerschap wordt beperkt door regelgeving. Het legt een zware verantwoordelijkheid neer bij onze wetgever om een zeer zorgvuldige belangenafweging te maken waarom het vrije ondernemerschap in een specifiek geval moet wijken voor beperkende regelgeving. Voor veel burgers, maar ook voor veel advocaten en rechters, is dit een relatief nieuw toetsingskader.

In tegenstelling tot de Nederlandse Grondwet, waaraan nationale rechters niet mogen toetsen, mogen rechters wél aan het handvest toetsen!

Zie in dit kader het recentelijk gewezen vonnis door de Rechtbank Den Haag d.d. 11 maart 2015 (KG ZA 14/1575), waarin de voorzieningenrechter de Wet Bewaarplicht Telecommunicatiegegevens buiten werking heeft gesteld met een rechtstreeks beroep op het recht op eerbiediging van privéleven en het recht op bescherming van persoonsgegevens, beide grondrechten uit het Handvest. (Bron: https://fra.europa.eu/en/caselaw-reference/netherlands-district-court-hague-c09480009-kg-za-141575)

Wij hebben daarom besloten de Nederlandse Overheid te dagvaarden om voor de bestuursrechter te verschijnen wegens overtreding van artikel 16 van het Handvest. 

Wanneer we succes hebben met deze rechtszaak, zullen we de overheid ook op andere gronden uit het Handvest dagvaarden, zoals menselijke waardigheid (artikel 1), privacy- en persoonsgegevens (artikel 7 en 8),  en Vrijheid van meningsuiting/informatievrijheid (artikel 11).

 

 

 Samen zetten wij ons in voor de vrijheid van ons en onze kinderen