Met het verbieden van woorden roei je ideeën niet uit. Je maakt ze zelfs groter.

Minister Dilan Yeşilgöz wil het ontkennen van de Holocaust duidelijker strafbaar maken. Het Wetboek van Strafrecht moet volgens de minister worden aangescherpt. Dat meldt Trouw.

Het klinkt prachtig: ban de ontkenning van de Holocaust uit door het expliciet te verbieden en strafbaar te maken. Zo prachtig is het echter niet. Met elk verbod op uitlatingen, hoe kwetsbaar en laakbaar ook, perk je de vrijheid van meningsuiting verder in. Met het verbieden van ideeën, meningen en theorieën verdwijnen deze niet, maar gaan ‘ondergronds’. Ook wakker je het wantrouwen in de samenleving aan: wanneer ze het verbieden zal er wel een grond van waarheid in zitten.

De geschiedenis kent een lange traditie van het onderdrukken van meningen en uitlatingen. Het is één van de voornaamste redenen van het als mensenrecht opnemen van de vrijheid van meningsuiting. Cru gezegd: ik maak zelf wel uit wat ik vind, wat ik denk en wat ik zeg. De vrijheid van meningsuiting zou slechts beperkt moeten worden tot het dreigen en oproepen tot geweld.

Het recht op vrijheid van meningsuiting garandeert dat men zonder vrees voor vervolging meningen tot uitdrukking kan brengen – in gesprekken en gedrukte tekst, in tekeningen en liedjes, op radio, televisie en internet. Ook mag informatie in vrijelijk worden verzameld en verspreid, zoals door de pers. Het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie is opgenomen in de meeste grondwetten, ook in de Nederlandse grondwet.

Nederland bevindt zich echter op een glijdende schaal. Onlangs blokkeerde Nederland de toegang tot Russische nieuwswebsites als Russia Today (RT), omdat deze propaganda en desinformatie zouden verspreiden. Ik heb echter recht op toegang tot propaganda en desinformatie, sterker nog, ik maak zelf wel uit of ik iets propaganda of desinformatie vind. Daar heb ik de regering niet voor nodig. Deze regering muilkorft het internet, en daarmee het recht op vrije informatievergaring.

“Met elk verbod op woorden, met elke straf op uitlatingen, met elke onderdrukking van meningen en ideeën plant je een zaadje van onvrijheid wat uit zal groeien tot een plantje van ergernis en een boom van haat”

Pieter Kuit

Nu wordt het verbod op de Holocaustontkenning weer uit de kast gehaald. Een muilkorf waarmee de regering een uitlating wil bestrijden. Het zal echter niet helpen. Opnieuw cru gezegd: ik maak zelf wel uit of ik de Holocaust ontken. En wat wil minister Yeşilgöz doen met films, toneel, kunst en cultuur? Mag ook daar de Holocaust niet meer ontkend worden? Of mag het wel wanneer in die film duidelijk wordt dat Holocaustontkenning verkeerd is? En moeten alle geschriften en boeken waar de Holocaust ontkend wordt uit de handel worden genomen? Krijgen we dan een soort moderne boekverbrandingen? En schilderijen die je antisemitisch kunt interpreteren? Vergezocht? Niet echt.

Na massale beschuldigingen van antisemitisme is bijvoorbeeld in juni een groot kunstwerk op de vijfjaarlijkse kunsttentoonstelling Documenta in Kassel (Duitsland) met stof afgedekt. Het gaat om een een grootformaat spandoek van het kunstenaarscollectief Taring Padi op de Friedrichsplatz. Op het tafereel is een man met een ‘joodse hoed’ te zien waarop de letters ‘SS’ staan. De man heeft pijpenkrullen, bloeddoorlopen ogen, scherpe tanden en een gespleten tong. Op hetzelfde kunstwerk is een soldaat te zien met een varkensgezicht. Hij draagt een sjaal met een davidster en een helm met het opschrift ‘Mossad’, de naam van de Israëlische buitenlandse inlichtingendienst. 

Het kunstwerk op Documenta

Eer is ook een film van hetzelfde Documenta vertoond. Die film kwam in september naar Amsterdam, met weer de nodige controverse. “Kunstenaars moeten alle ruimte krijgen om hun artistieke vrijheid te beoefenen”, zegt CIDI-onderzoeker Aron Vrieler. Hij wijst op een onderzoek van Duitse wetenschappers. “In een zeer kritisch bericht concluderen ze dat de film in feite propagandamateriaal gebruikt dat geweld verheerlijkt en antisemitische elementen bevat zonder daar iets tegenover te zetten. Er is met klem geadviseerd om het werk te contextualiseren.” Dat komt dus neer op ‘vrijheid van meningsuiting is belangrijk, maar…’. En juist dat ‘maar’ vermoordt de vrijheid van meningsuiting. In bovenstaande voorbeelden wordt duidelijk dat wat antisemitisme  zou zijn open staat voor interpretatie. Kunst, cultuur, geschriften en uitlatingen kunnen kwetsen. Live with it. Want anders krijg je willekeur.

Nu hebben we de controverse rondom de komst van David Icke naar Amsterdam. De gemeente probeert Icke te weren en Yeşilgöz steunt dat. Want ‘hij is een holocaustontkenner en een antisemiet’. Door Icke buiten de deur te houden wakker je de haat en het wantrouwen aan.

Tegen minister Yeşilgöz zou ik willen zeggen: bezint eer ge begint. Want u kunt de geest misschien verbieden, u krijgt hem echter niet terug in de fles.

Met elk verbod op woorden, met elke straf op uitlatingen, met elke onderdrukking van meningen en ideeën plant je een zaadje van onvrijheid wat uit zal groeien tot een plantje van ergernis en een boom van haat.

Delen op sociale media