Op 12 oktober 2022 heeft de Buitenparlementaire Onderzoekscommissie (BPOC2020) aangifte gedaan bij de Procureur-Generaal van de Hoge Raad der Nederlanden wegens overtreding van artikel 100 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht.

Dit luidt:

Met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt gestraft:
1. hij die, in geval van een oorlog waarin Nederland niet betrokken is, opzettelijk enige handeling verricht waardoor het gevaar ontstaat dat de staat in een oorlog wordt betrokken, of enig van regeringswege gegeven en bekendgemaakt bijzonder voorschrift tot handhaving van het niet deelnemen aan de oorlog opzettelijk overtreedt;

De BPOC2020 geeft de volgende toelichting:

Op 24 februari 2022 vond de Russische inval in Oekraïne plaats. Nederland heeft sindsdien Oekraïne ondersteund door het leveren van wapens en zware wapens aan Oekraïne, waaronder scherfvesten, helmen, scherpschuttersgeweren en pantserhouwitsers. De pantserhouwitsers gelden als het zwaarste geschut van de Nederlandse landmacht. Nederland traint samen met Duitsland Oekraïense militairen in het gebruik van de pantserhouwitsers. Voorts vult Nederland de genoemde materialen zo snel mogelijk aan of vervangt deze.

Door het leveren van deze wapens neemt Nederland actief deel aan de oorlog tegen Rusland. Ondanks het feit dat Nederland Rusland formeel niet de oorlog heeft verklaard, is Nederland wel degelijk in oorlog met Rusland. Volgens bijzonder hoogleraar international studies and global politics dhr. Andre Gerrits ben je in de praktijk in oorlog met een land als je een oorlog bestrijdt. Op 30 april 2022 verklaarde Andre Gerrits in het programma Dit Is De Dag van de Evangelische Omroep het volgende: “Je bent in de praktijk in oorlog met een land, als je een oorlog bestrijdt. In deze oorlog hebben we de kant van Oekraïne gekozen. Dat hoefde niet, we hadden ook kunnen afzien van omvangrijke militaire hulp, maar dat hebben we niet gedaan.” Volgens hoogleraar conflict studies Jolle Demmers zit Nederland op dit moment “in een schemerzone”. Nederland hielp in eerste instantie Oekraïne aan helmen en defensieve middelen, maar nu we ook offensieve wapens leveren, zoals pantserhouwitsers, schuiven we meer op, aldus Jolle Demmers.

Ook hoogleraar geschiedenis en politiek van Rusland Hans van Koningsbrugge ziet dat Nederland steeds meer betrokken raakt bij het conflict. “We zitten op een glijdende schaal. Als offensieve wapens worden gebruikt voor het terugveroveren van de Krim of de Donbas, dan komt het wel heel dichtbij.” Volgens Demmers is het geen bilateraal conflict meer tussen Rusland en Oekraïne alleen. Demmers vindt dat de Europese leiders zich vanaf het begin van de oorlog escalerend hebben opgesteld. Mede gezien de uitspraken die bovenstaande deskundigen deden in het programma Dit Is De Dag van de Evangelische Omroep op 30 april 2022, zijn wij van mening dat minister-president Mark Rutte en minister van Defensie Kajsa Ollongren Nederland hebben betrokken bij een oorlog waar Nederland niet bij betrokken is. Daarmee overtreden zij actief artikel 100 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht. De herhaalde uitspraken van minister-president Mark Rutte dat Oekraïne kan blijven rekenen op niet aflatende steun en levering van wapens vanuit Nederland laten zien dat dit een voortgaande overtreding is van artikel 100 van het Wetboek van Strafrecht en dit geen eenmalige overtreding betreft. Voortgaande overtredingen worden in het Nederlandse recht zwaarder bestraft dan eenmalige overtredingen.

De bewindslieden kunnen zich niet beroepen op onwetendheid, daar zij geadviseerd worden door een omvangrijk ambtelijk apparaat. Dit maakt de overtredingen des te ernstiger. Door Nederland te betrekken bij deze oorlog, brengen deze bewindslieden de vrede en veiligheid van Nederland en haar bevolking in groot gevaar. Mevrouw Jolle Demmers vindt dat de Europese leiders, dus ook minister-president Rutte, zich al vanaf het begin van de oorlog escalerend hebben opgesteld en daarbij risico’s hebben genomen zonder een doordacht plan. Zij houdt er rekening mee dat er ook buiten Oekraïne bommen gaan vallen in Europa. Zij zegt niet te begrijpen dat Nederland zo eenzijdig inzet op het leveren van wapens. “We moeten alles op alles zetten om te onderhandelen,” zegt mevrouw Demmers. Volgens hoogleraar Andre Gerrits is het verdrijven van de Russen uit Oekraïne onrealistisch en levensgevaarlijk.

Gezien bovenstaande zijn wij van mening dat minister-president Mark Rutte en minister van Defensie Kajsa Ollongren vervolgd moeten worden voor het overtreden van artikel 100 van het Wetboek van Strafrecht.


Pieter Kuit van de BPOC2020 geeft uitleg in onderstaande nieuwsflits:

Delen op sociale media