Het was tot nu toe een ‘complottheorie’: het overdragen via de lucht (aerosolen) door COVID-gevaccineerden van antilichamen aan ongevaccineerden, ook wel ‘shedding’ genoemd. Zo zouden ongevaccineerden mensen ziek kunnen worden door contact met gevaccineerden.

Factcheckers sprongen er bovenop en haastten zich te ontkennen dat dit mogelijk was.

Maar zoals met veel ‘complottheorieën’ lijkt ook deze theorie dichter bij de waarheid te liggen dan de overheid wil bekennen: Een nieuwe pre-print studie gepubliceerd door de Universiteit van Colorado concludeerde dat antilichamen kunnen worden overgedragen via aerosolen.

In het onderzoek werd bij niet-gevaccineerde kinderen die in gevaccineerde of niet-gevaccineerde huishoudens woonden een neusuitstrijkje genomen op COVID-19-antilichamen.

De auteurs, onder leiding van Dr. Ross Kedl, ontdekten dat kinderen die bij gevaccineerde ouders wonen een hogere concentratie COVID-19-antilichamen in hun uitstrijkjes hebben dan kinderen die in niet-gevaccineerde huishoudens wonen.

Antilichamen zijn immuunmarkers en de verzameling antilichamen van elke persoon is een weerspiegeling van de immunisatie- en infectiegeschiedenis. De aanwezigheid van elk antilichaam geeft aan dat de persoon mogelijk is blootgesteld aan een bepaalde infectie of vaccin waartegen het antilichaam vecht.

Daarom mag een persoon alleen antistoffen tegen COVID-19 vertonen als hij is geïnfecteerd of gevaccineerd. Toch zijn deze kinderen niet ingeënt tegen of besmet met COVID-19. Waarom hebben ze antistoffen?

De auteurs van de studie redeneerden dat de gevaccineerde ouders waarschijnlijk hun antilichamen aan de kinderen hebben doorgegeven. Ze produceerden antistoffen uit het vaccin, deze antistoffen hoopten zich op in de neusholten en kwamen in de lucht terecht. Hun kinderen ademden vervolgens de antilichamen in en verzamelden COVID-19-antilichamen in hun neusholtes.

Dit is een plausibele speculatie omdat het goed gedocumenteerd is dat lichaamsvloeistoffen, waaronder moedermelk, speeksel, tranen en zweet, antilichamen bevatten. Moeders wordt ook aangeraden om hun baby’s borstvoeding te geven, omdat het hun baby’s antistoffen geeft die hen beschermen tegen infectie.

Hoewel we weten dat antilichamen in lichaamsvloeistoffen aanwezig kunnen zijn, weten we echter niet of antilichamen in de lucht kunnen komen.

Om hun speculatie te ondersteunen dat antilichamen in de lucht zouden kunnen zijn, testten de auteurs gezichtsmaskers van gevaccineerde personen en vonden ze COVID-19-antilichamen op de maskers.

De auteurs voerden aan dat aangezien iedereen in hun maskers ademt, de COVID-19-antilichamen die op de maskers worden gevonden, het bewijs kunnen zijn dat antilichamen kunnen worden verneveld en daarom op anderen kunnen worden overgedragen.

Bevindingen van peer-reviewed onderzoek gepubliceerd in de Gazette of Medical Sciences lijken ook de overdracht van vaccins te ondersteunen.

Aangevuld met talloze getuigenissen van mensen die menen ziek te zijn geworden kort na contact met gevaccineerden leveren een overtuigend beeld op dat ‘shedding’ wel degelijk mogelijk is.

Uiteraard zal de farmaceutische industrie er alles aan doen om deze onderzoeken te ontkrachten. De EU, de EMA het CBG en het Lareb zullen zich aansluiten bij hun broodheren.

Delen op sociale media