Door Dr. Ruth Seldenrijk.

Dr. Ruth Seldenrijk werd op 4 februari 1951 geboren in Bunnik, als oudste in een gezin van zes kinderen. Na een biomedische opleiding promoveerde hij op een onderzoek aan celkweken van pigmentcellen en pigmentkankers.
Zijn hele carrière was hij werkzaam in de gezondheidszorg, eerst in het Utrechts Medisch Centrum, daarna in de zwakzinnigenzorg en ten slotte bijna veertien jaar bij de NPV. Hij is getrouwd en vader van vijf kinderen, van wie er één kort na de geboorte overleed. Seldenrijk is kerkelijk meelevend in de gereformeerde gemeenten in Zeist.


In het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (Ned Tijdschr Geneeskd. 2022;166:D7028) stond een treffend artikel over de betrouwbaarheid van modellen. Dan denk ik natuurlijk gelijk aan CO2, stikstof, het klimaatalarm (minstens 40 modellen) en het RIVM. Eerst het feit dat Nederland sterk heeft ingezet op protonentherapie. Via een omweg werd deze kostbare technologie voor bestraling als wetenschappelijk bewezen verklaard. Maar dat had onbedoelde gevolgen. Hoe de radiotherapeuten en het Zorginstituut in een doelredenering verzeild raakten. Nu kan niemand nog terug: een onderzoek van The Investigative Desk

In de namiddag van vrijdag 30 januari 2009 stuurt een ambtenaar een ongerust berichtje naar zijn manager van het Zorg Instituut Nederland (bepaalt welke zorg via de basisverzekering wordt vergoed). Een dag eerder hebben drie vermaarde radiotherapeut-oncologen – de hoogleraren dr. Peter Levendag, dr. Hans Langendijk en dr. Hans Merks in dagblad Trouw een lans gebroken voor deze nieuwe bestralingsvorm (https://www.trouw.nl/nieuws/hetpreciezeproton~bfb2df03/). Ze willen deze precisiebestraling zo snel mogelijk naar Nederland halen. De ambtenaar las de oproep met gefronste wenkbrauwen. Een aantal academische ziekenhuizen ‘staat te trappelen om in protonentherapie te investeren’, mailt hij zijn baas. Hun hoogleraren ‘bespelen de media’ en wekken de indruk dat de bouw van de honderden miljoenen euro’s kostende bestralingsbunkers slechts een formaliteit is. Maar dat is niet zo: dit soort prijzige medische interventies moeten van bewezen medische meerwaarde zijn. Ofwel: voldoen aan de ‘stand van wetenschap en praktijk’, zoals dat ambtelijk heet. 

Een paar weken eerder had een collega intern een uitgebreide analyse rondgestuurd. Met een heldere conclusie: er is te weinig bewijs om protonentherapie te vergoeden. Protonentherapie was in de wetenschappelijke literatuur niet effectiever gebleken dan klassieke radiotherapie. Dat de technologie ernstige bijwerkingen helpt voorkomen, was ook nog nauwelijks onderbouwd. Dus moesten er eerst ‘meer studies gedaan worden’ naar complicaties, aldus de ambtenaar. Tegenwoordig is er nog steeds geen overtuigend empirisch bewijs voor de meerwaarde van deze bestraling. Alleen bij zeer zeldzame kankers (oogtumoren, pediatrische tumoren, chordomen of chondrosarcomen), bestaat er consensus over de meerwaarde. Die is overigens vooral beredeneerd: ook hier ontbreken eenduidige empirische gegevens. Veruit de meeste studies naar een bredere toepassing van protonenbestraling zijn retroperspectief, klein, zonder vergelijking met conventionele bestraling, met een beperkte follow-up en uitgevoerd in een individueel centrum (doi:10.1016/j.ctro.2019.07.002). In slechts een fractie van de onderzoeken is randomisatie toegepast, maar daarvan lopen de conclusies uiteen. Soms is de conclusie dat de technologie helpt bij het voorkómen van complicaties, maar andere trials vinden die voordelen niet (doi:10.1200/JCO.2017.74.0720; doi:10.1200/JCO.19.02503). Toch heeft Nederland drie protonencentra laten bouwen, met een prijskaartje van zo’n 230 miljoen euro. Want uiteindelijk ging het Zorginstituut overstag: protonentherapie werd in 2011 toch bewezen effectief bevonden volgens de actuele ‘stand van de wetenschap en praktijk.’ Hoe kan dat?

The Investigative Desk kreeg met een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur zo’n 20.000 documenten (vgl. Wob verzoek over Covid beleid en rechterlijke vrijgave Pfizer documenten). Daaruit valt gedetailleerd te beschrijven hoe de waakhond van het basispakket op andere gedachten werd gebracht. Na een uitvoerige lobby van een van de oncologen. Voor het eerst accepteerde het Zorginstituut theoretische modellen waarmee bijwerkingen worden voorspeld als afdoende bewijs – bij gebrek aan grote studies. Zo kwam er op basis van die modellen toch een garantie voor patiëntenstromen en toekomstige inkomsten. Dat was een voorwaarde voor investeerders om geld in een protonenbunker te steken. Maar anno 2022 zit iedereen klem.

Hoewel jaarlijks tussen de 3.000 en 5.000 patiënten werden verwacht, behandelden de drie klinieken in 2021 in totaal maar zo’n 1.000 kankerpatiënten (Ned Tijdschr Geneeskd. 2021;165:D6621). Bovendien blijkt: deze patiënten komen vrijwel allemaal uit het eigen ziekenhuis. Slechts een kwart van hen wordt vanuit elders in het land doorgestuurd. Het idee van model-based indiceren was wetenschappelijk gezien uiteindelijk een acceptabel compromis. Maar dat is geen bewijs en dus niet ideaal. Volgens zorgverzekeraars wordt dit model buiten Nederland ook nergens gebruikt. Tegelijkertijd zag radiotherapeut dr. Hans Kaanders ook een risico in deze modelmatige aanpak. “Je wilt voorkomen dat we straks doorverwijzen op basis van hele kleine verschillen, verschillen die er voor de patiënt minder toe doen”, zegt hij. “Dat is natuurlijk wel het gevaar. Dat de modellen in de loop van de tijd worden opgerekt, bijvoorbeeld omdat de centra anders te weinig patiënten hebben’. Het debat wordt gesmoord. Er is sprake van ‘misleiding met valse hoop.” De 13 jaar oude vrees van dr. Kaanders lijkt realiteit te zijn geworden: de modelmatige aanpak wordt ‘opgerekt’, opdat de klinieken mogen overleven. Iedereen zit klem. 

Vergelijkbaar met het bovenstaande toont een ander gebrekkig en frauduleus ‘onderzoek’ aan: de ‘vaccins’ zijn veilig. Dat concluderen CBS en RIVM in nieuw en dus foutief onderzoek (https://doezelfnormaal.nl/news/gebrekkig-enfrauduleus-onderzoek-toont-aan-de-vaccins-zijn-veilig/). De doodsoorzaak stellen we vast aan de hand van de zogenoemde ‘causale keten’. Dat is de keten van vooral medische gebeurtenissen die in het lichaam hebben plaatsgevonden voorafgaand aan het overlijden. In bijna alle gevallen namen artsen de ‘vaccinatie’ niet op als startpunt van de causale keten. Dus … vaccinatie kan dan ook NIET voorkomen in de doodsoorzaakverklaring die op verzoek van Kamerlid dr. Pieter Omtzigt is onderzocht. Laat dát nu net de verklaring zijn waarop RIVM en CBS zich hebben gebaseerd.

Leerstoel

Worden Omtzigt en wij bedrogen of niet? In 2014 hebben het CBS en de Universiteit van Amsterdam (UvA) een leerstoel doodsoorzaakregistratie ingesteld. Prof. dr. J.W.P.F. (Jan) Kardaun is benoemd tot bijzonder hoogleraar in de registratie en statistiek van doodsoorzaken aan de UvA binnen de afdeling sociale geneeskunde (rest werkweek medisch onderzoeker bij CBS).

De nieuwe leerstoel is in het leven geroepen om de doodsoorzaakstatistieken te moderniseren (https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2014/43/cbs-en-uva-stellen-leerstoel-registratie-van-doodsoorzaken-in). Om die in lijn te brengen met de actuele situatie. Daarin overlijden veel mensen op zeer hoge leeftijd, terwijl ze lijden aan meer chronische ziekten. De leerstoel zal zich richten op het herdefiniëren van het begrip ‘doodsoorzaak’. Dit maakt het mogelijk om één doodsoorzaak aan te geven, waarbij dat duidelijk het geval is, maar meer dan één oorzaak wanneer de situatie dit rechtvaardigt. Veranderingen in deze statistieken worden gecoördineerd onder toezicht van de Wereldgezondheidsorganisatie. De leerstoel Registratie en statistiek van doodsoorzaak heeft als doel de kwaliteit van de verzamelde gegevens verder te verbeteren, waaronder in de toekomst ook digitale levering door artsen. De instelling van deze leerstoel is een verdere bijdrage aan de dialoog tussen het CBS en de wetenschappelijke gemeenschap. Dit gebied van de statistiek is niet alleen een van de oudste (sinds 1851), maar nog steeds een van de meest gebruikte in Nederland, in een zeer breed scala van onderzoeksgebieden. Jan Kardaun is opgeleid tot public health physician en sinds 2006 tot zijn pensioen werkzaam als arts bij het CBS. 

De statistiek van de doodsoorzaken is een spiegelindicator voor ernstige gezondheidsproblemen in de bevolking, vertelt de emeritus hoogleraar. Dr. Marianna Mitratza (arts, statisticus en epidemioloog) richtte zich in haar promotieonderzoek op een beter gebruik van de doodsoorzakenstatistiek van het CBS. “Samen met mijn promotor van het Amsterdam UMC, prof. Anton Kunst, en Jan Kardaun en Bart Klijs van het CBS heb ik de specifieke doelen van mijn onderzoek bepaald. Mijn proefschrift laat nieuwe toepassingen zien van bestaande data over doodsoorzaken. Die kunnen bijdragen aan een beter inzicht in de trends op het gebied van doodsoorzaken, relaties tussen ziektes en uiteindelijk ook aan betere zorg in de laatste levensfase.” Nog eens, het Nederlandse ‘vaccin’ – gebeuren staat om een dergelijke registratie en statistiek te springen (https://www.cbs.nl/nl-nl/corporate/2021/13/doodsoorzakenstatistiek-inzetbaar-voor-gezondheidsonderzoek)

Delen op sociale media