Column van Jade Kuit.

Hoe moet het voelen om te weten dat het mogelijk is om je kinderen aan de staat te verliezen als je slachtoffer wordt van een schandaal bij de Belastingdienst?

Een aantal weken geleden lag er een geboortekaartje in mijn brievenbus. Een vriendin van vroeger en haar vriend hebben een kindje gekregen. Dit is op zichzelf natuurlijk niets uitzonderlijks; ik word over anderhalve week dertig, en dit is dat moment in mijn leven waarop leeftijdsgenoten gezinnen beginnen te stichten. Binnen mijn groep met hechtste vrienden is het eerste kindje net begonnen met lopen. Ontzettend schattig.

Toch leid ik zelf een heel ander leven. Hoewel ik iedere keer oprecht gelukkig ben voor anderen wanneer zij kinderen krijgen, had ik zelf als tiener al het vermoeden dat die kinderwens – dat gevoel dat andere vrouwen beschrijven wanneer ze een baby zien – zich bij mij nooit zou ontwikkelen. Ik vind kinderen, mits ze niet schreeuwen, over het algemeen prima gezelschap, en in de woorden van Robin uit How I Met Your Mother; het is schattig dat ze zulke kleine schoentjes dragen. Maar verder dan dat is het gevoel nooit gegroeid. Ik heb liever drie honden dan drie kinderen.

Kinderen krijgen is een natuurlijk deel van het leven, maar geheel in de stijl waarin ik mijn hele leven tot nu toe heb ingevuld, moet ik het weer anders willen.

Ik heb vroeger wel eens gedacht dat er misschien iets mis was met mij. Ik ben mij er terdege van bewust dat kinderen willen en kinderen krijgen hele normale en natuurlijke dingen zijn, en het feit dat die knop tijdens mijn twintiger jaren nooit om is gegaan, maakte me wel eens onzeker. Misschien betekende het feit dat ik het geluid van kindergehuil over het algemeen niet langer dan twee minuten kan verdragen wel dat ik geen fijn persoon was. Misschien was mijn onwil om zo’n grote verantwoordelijkheid aan te gaan wel een teken dat ik diep van binnen ontzettend egoïstisch was. En bovendien, alle vrouwen willen toch kinderen? Kinderen krijgen is een natuurlijk deel van het leven, maar geheel in de stijl waarin ik mijn hele leven tot nu toe heb ingevuld, moet ik het weer anders willen. Ik wilde niet weer de indruk wekken dat ik altijd lastig moet doen, maar een gevoel heb je of niet, en ik heb het niet.

De afgelopen jaren ben ik de situatie echter anders gaan zien, en niet alleen doordat ik nu met iemand samen ben die me juist opgelucht aankeek toen ik hem vertelde dat een langdurige relatie met mij zou betekenen dat hij nooit kinderen zou krijgen. Doordat de mensen met wie ik de meeste tijd spendeer nu aan kinderen beginnen, besef ik ook in toenemende mate dat ik op een lichtelijk cynische manier misschien wel geluk heb met mijn gebrek aan een kinderwens. Immers, hoe maak je de juiste keuzes voor je kinderen in een wereld waarin een groot deel van de beschikbare informatie eenzijdig of onbetrouwbaar is? Hoe stuur je je kinderen naar publieke scholen in de wetenschap dat het curriculum in toenemende mate politiek gekleurd is? Hoe moet het voelen om te weten dat het mogelijk is om je kinderen aan de staat te verliezen als je slachtoffer wordt van een schandaal bij de Belastingdienst? Bovendien droeg ik het stempel “aluhoedje” al jaren voordat de term “wappie” populair werd, maar was de toekomst in mijn beleving nog nooit zo onzeker als nu. Ik weet niet hoe ik me zou voelen als ik kinderen had om in deze wereld te beschermen en groot te brengen.

Zelfs in een tijd zo duister als deze weiger ik het idee serieus te nemen dat er op de een of andere manier iets mis zou zijn met leven of met de continuïteit van de mensheid.

Dit betekent overigens niet dat ik niet begrijp waarom veel mensen – ook mensen die zich ernstige zorgen maken over de ontwikkelingen van de afgelopen jaren – toch kinderen krijgen. Zelfs tijdens mijn meest beschamend linkse dagen heb ik nooit veel op gehad met mensen die het idee propageerden dat de mensheid beter uit kan sterven. Hoewel de mensheid mij gedurende mijn leven vaak genoeg teleur heeft gesteld, vind ik het idee dat we inherent slecht zijn voor zowel elkaar als de planeet getuigen van een zelfhaat en existentieel pessimisme die ik zelfs in mijn slechtste periodes niet herkenbaar zou hebben gevonden. Zelfs in een tijd zo duister als deze weiger ik het idee serieus te nemen dat er op de een of andere manier iets mis zou zijn met leven of met de continuïteit van de mensheid. Bovendien zou het, zelfs als het uitsterven van de mensheid moreel gezien de juiste optie was, onrealistisch zijn om te geloven dat de hele wereld ooit collectief zou stoppen met het krijgen van kinderen. Het zou, simpel gezegd, gewoon niet gebeuren.

Juist hierom zie ik het tegenwoordig als een zegen dat ik geen kinderwens heb. Ik zie de mensen om wie ik geef kinderen krijgen, en ik begrijp dat die kinderen in veel gevallen juist een reden zijn waarom zij zich niet zo ongenuanceerd kunnen uitspreken als ik doe. Mensen die verantwoordelijk zijn voor meer levens dan alleen dat van zichzelf, zullen vaak minder snel hun baan en hun reputatie op het spel zetten door de verkeerde mening te uiten of zich in te zetten voor het verkeerde doel. Dat valt hen niet kwalijk te nemen. Ik kan mij voorstellen dat ik in hun plaats hetzelfde zou doen.

Ik zie de mensen om wie ik geef kinderen krijgen, en ik begrijp dat die kinderen in veel gevallen juist een reden zijn waarom zij zich niet zo ongenuanceerd kunnen uitspreken als ik doe.

Ik ben echter niet op die manier gebonden, en verkeer daarom in de perfecte positie om te doen wat ik doe. Bovendien is het gevoel dat ik misschien een ongevoelig of egoïstisch persoon ben mede hierdoor gaandeweg afgenomen. Ik merk namelijk dat ik wel degelijk iets voel bij de wetenschap dat talloze kinderen in Nederland om onrechtmatige redenen niet bij hun ouders opgroeien, of bij het idee dat kinderen gevaccineerd worden met een vaccin waarvan de veiligheid mijns inziens geenszins is vastgesteld.

Die eerder genoemde goede vrienden nemen hun kindje regelmatig mee naar afspraken met de vriendengroep. Elke keer als we dan naar huis gaan, bedenk ik me dat het toch maar goed is dat hij met hen meegaat, en niet met mij. Maar ik denk ook elke keer, zonder uitzondering, dat ik hoop dat hij in vrijheid op mag groeien.

Hopelijk kan ik daar een klein beetje aan bijdragen.


DZN professionaliseert en wordt onderdeel van DZN Media! Waardeer je onze journalistiek? Steun ons dan met een donatie!

Delen op sociale media