Jet Sluyter.

Geregeld spraken wij de afgelopen twee jaar mensen die de WOII bewust hebben meegemaakt dat zij de huidige tijd erger vinden dan de WOII en daar ook parallellen tussen zien.

Het hardop uitspreken daarvan stuit echter altijd op weerstand en soms zelfs agressie. In de meeste gevallen worden wij ervan beschuldigd het te verzinnen, zoals wij er ook van beschuldigd worden dat we het gehele politierapport van de BPOC2020 verzonnen hebben, omdat alle verklaringen van de agenten anoniem zijn gebleven, zoals ook de mensen die ons over de door hun ervaren parallellen met WOII vertellen om begrijpelijke redenen anoniem willen blijven. Het is namelijk niet ondenkbaar dat zij lastiggevallen zullen worden, in de vorm van bedreigingen, of door de overheid die hen als extreem rechts bestempelt.

Vandaag kregen wij een mailtje van ene Jet Sluyter. Zij schrijft:

Beste Pieter en Jade,

Het spijt me enorm dat ik een schamele 50.00 euro heb over gemaakt, maar met alleen mijn AOW zie ik geen kans om meer te doneren, hoewel ik diepe bewondering voor jullie vasthoudendheid heb.

Het zal soms heel moeilijk zijn om vol te houden, hoe jullie dat voor elkaar krijgen is geweldig en dat geeft mij steeds weer hoop.

Ik heb als kind de oorlog 40/45 meegemaakt en het voelt momenteel weer als toen voor mij en eigenlijk nu nog heftiger.

Ik wens jullie heel veel courage en ik blijf jullie volgen.

Veel groeten,

Jet Sluyter.

Onder de indruk van haar bericht hebben wij mevrouw Sluyter gebeld om haar te danken voor haar donatie, en om haar verhaal te horen over haar herinneringen aan WOII.

Toen wij haar spraken werd het ons al snel duidelijk dat wij met een lieve en zeer intelligente vrouw te maken hadden. Jet Sluyter is 88 jaar oud en komt uit een bekende verzetsfamilie. Haar biologische vader is Henk Henriët, een bekende verzetsman.

Zelfportret Henk Henriët

Henriët was zoon van een sigarenmaker. Hij werd opgeleid aan de Industrieschool van de Maatschappij voor den Werkenden Stand onder Johan Laurent ter Veer. Hij kwam in dienst bij een boekverkoper die zijn tekentalent ontdekte.[2] Hij vervolgde zijn onderwijs aan de Rijksnormaalschool voor Teekenonderwijzers en was een leerling van onder anderen Albert Hemelman. In 1923 deed hij toelatingsexamen aan de Rijksakademie, maar volgde daar maar een paar lessen.[3] In 1924 maakte hij een studiereis naar Parijs. In 1923 was hij gaan samenwonen met Gerarda Antonia Maria (Tonia) Sluyter (1899-1980), zus van zijn jeugdvriend, de schilder Gerard Sluyter. Zij was toen nog getrouwd en hun eerste kinderen kregen de naam van haar man. Na haar scheiding in 1930 kregen de kinderen Henriëts naam, het stel trouwde pas in 1939. Ze hadden een vrij huwelijk, Henriët kreeg ook kinderen bij andere vrouwen.[4]

Henriët schilderde en tekende portretten, figuurvoorstellingen en stillevens en maakte ook grafisch werk. In 1935 ontwierp hij de Kinderpostzegels. Hij was lid en bestuurslid van De Onafhankelijken. In de jaren dertig werd hij communist en lid van de antifascistische Bond van Kunstenaars ter Verdediging van de Kulturele Rechten. Met Jan Havermans maakte hij politieke prenten onder het pseudoniem Jan Riet. In de tweede helft van de jaren dertig maakte hij illustraties voor een heruitgave van Gargantua en Pantagruel van François Rabelais. Onder invloed van Havermans en Ger Gerrits, ging hij zich bezighouden met beeldhouwen.Hij werd lid van de Nederlandse Kring van Beeldhouwers.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog weigerde Henriët zich aan te sluiten bij de Nederlandsche Kultuurkamer. Hij zegde zijn lidmaatschap van De Onafhankelijken op en werd actief in het verzet. Hij vervalste papieren en zorgde voor onderduikadressen. Hij werd in december 1944 opgepakt en via Kamp Amersfoort in februari 1945 naar Neuengamme gestuurd. Hij was een van de duizenden gevangenen die in april 1945 door de Duitsers aan boord van de Cap Arcona werd gebracht. Het schip lag in de Lübecker Bocht bij Neustadt, toen het door de Royal Air Force werd gebombardeerd. Ruim 7000 mensen, onder wie Henriët, Robert de Brauw en Louis de Visser, kwamen daarbij om. Hij is 41 jaar geworden.

In 1946 werd in het Stedelijk Museum in Amsterdam een tentoonstelling rond Henriët georganiseerd. Hij had in de jaren dertig een gipsen beeld van een volksvrouw gemaakt, waarvoor zijn vrouw model stond. Het beeld behoort tot de collectie van het Stedelijk en werd in 1967 in brons gegoten. Het staat sindsdien als een monument ter nagedachtenis aan Henriët aan het Marnixplein.[2] In 1991 werd in Amsterdam-West een straat naar hem vernoemd. In 2006 schonk zijn familie meer dan 100 van Henriëts werken aan het Rijksmuseum Amsterdam. (Bron Wikipedia, juistheid bevestigd door Jet Sluyter)

Monument van Henk Henriët

De Parallellen met WOII

Na de dood van Henk Henriët heeft zijn eerdergenoemde jeugdvriend Gerard Sluyter de zorg over Jet op zich genomen. Zij kreeg zijn achternaam. Pas op haar 56e hoorde zij dat Gerard Sluyter haar echte vader niet was.

Jet Sluyter was 5 jaar oud toen de oorlog begon, en 11 toen deze eindigde. Zij heeft levendige herinneringen aan de oorlog. Zij herinnert zich de spanningen die het tekort aan voedsel met zich meebracht.

“In het begin was het nog normaal”, vertelt zij. “Maar langzaam maar zeker kwam er een tekort aan voedsel. Bovendien konden wij het voedsel dat er wel was niet meer betalen. Net als nu werd alles steeds duurder. De situatie nu geeft mij een angstig gevoel, en vind ik zelfs erger dan toen. Zo mochten wij niet over Joden spreken. Joden waren dom, vies en crimineel. Zij logen over de Duitse overheid, dat deze een totalitair en fascistisch systeem in wilden voeren. Exact zoals er nu over ongevaccineerden gesproken wordt. Ik zit wel eens in Café De Blauwe Druif in Amsterdam. Dar is een kunstenaarscafé, want ik kom uit een kunstenaarsfamilie. Iedereen daar weet dat ik niet gevaccineerd ben. Wanneer die mannen dan wat gedronken hebben, en aangeschoten zijn, beginnen me te vertellen hoe dom ik ben dat ik niet gevaccineerd ben. Dat ik wanneer ik ziek word een bed van een gevaccineerde bezet hou. Ze lachen me uit en doen minderwaardig over me, exact zoals er in de oorlog over de Joden gesproken werd.  Mijn biologische vader Henk Henriët zat in het verzet . Er zelfs een monument van hem in de Marnixstraat in Amsterdam.

Om dan nu te horen hoe deze mensen over ongevaccineerde medeburgers spreken doet mij pijn, en vind ik zelfs erger dan wat ik tijdens de oorlog meemaakte.

Wanneer ik gesprekken voer met vrienden over deze dingen, moet dat stiekem, want je wordt meteen belachelijk gemaakt, je mag er niet over praten. Net zoals toen we stiekem voedselbonnen maakten tijdens de oorlog. Hetzelfde gevoel, dat je iets doet wat niet mag.

Wanneer ik die mensen in de Tweede kamer op zie vliegen wanneer er een vergelijking gemaakt wordt met de oorlog, denk ik: wat is dit? Wast is hier aan de hand? Dat doet me pijn”.

Binnenkort zullen we persoonlijk verder spreken met mevrouw Jet Sluyter. Zij heeft ons toestemming gegeven dit artikel met haar naam erbij op deze website te plaatsen.

Luister onderstaand naar een gedeelte van het telefoongesprek wat wij met Jet Sluyter hadden.

Yad Vashem

Henk Henriët staat ook op het monument van Yad Vashem in Israel, als Holocaustslachtoffer, onder de naam Hendricus Henriët (nummer 10323). Klik hier voor de volledige lijst met namen.

Zodra wij Jet Sluyter persoonlijk ontmoet hebben, zullen wij dat op deze website melden.

Delen op sociale media